Over muziek, Watergraafsmeer en het kluppie van mijn pa

Zaterdag 5 juni rolde op sportpark Drieburg de bal weer. Onder mijn leiding speelde het eerste zondagelftal, dat uitkomt in de derde divisie zondag, tegen een elftal vol met buren. Op gepaste wijze nam het bestuur van JOS Watergraafsmeer én het elftal vol met talenten afscheid van mijn vader, die iets meer dan een tiental jaren betrokken is geweest bij de club aan het Drieburgpad 3 als leider van Zondag 1.

Hij overleed op 30 maart 2021. Tot op het laatst trots op zijn gezin, zijn familie, zijn vriendenkring, maar toch vooral ook op de Rood-Blauwen uit de aan station Amsterdam Amstel grenzende woonwijk.

Het was een eer om deze wedstrijd te mogen fluiten. In gedachten zag ik mijn pa in de dug out zitten, rechts van de trainer, aan de andere kant geflankeerd door één van de wisselspelers. Hij werd vooral gewaardeerd om zijn altijd positieve instelling. Motiveerde zowel de elf die het in het veld moesten gaan doen, maar bleef zich ook bekommeren om degenen, die op de bank moesten wachten. ‘Wij zijn allen één team’, zei hij dan. Waarmee hij wilde zeggen dat iedereen even belangrijk was, welke rol men ook had. Afgelopen zaterdag herinnerden diverse bij de club betrokken mensen mij aan hoe gewenst en geliefd mijn vader bij deze sociale voetbalclub was.

Vorig jaar werd JOS Watergraafsmeer honderd jaar. Mijn pa vond het jammer dat hij de feestelijkheden niet meer mee kon maken. Die overigens anders moesten worden aangekleed vanwege het toen net rondwarende coronavirus. Hij volgde alles wat er rondom zijn ‘kluppie’ gebeurde, zelfs tijdens de laatste maanden van z’n leven vanuit het Almeerse zorgcentrum De Kiekendief. En kreeg sinds zijn opname daar af en toe ook bericht en bezoek van leden van JOS WGM.

Wij spraken veel over voetbal. Maar namen vooral van alles met betrekking tot de leefbaarheid van club door. Al werd dat natuurlijk minder omdat de gang er niet meer in zat. Hij kaartte en bingode er ook jaren samen met moeders, totdat zijn gezichtsvermogen het liet na weten. Volgde de ontwikkelingen van de vrijwilligers activiteitencommissie totdat ook zij het boeltje vanwege corona erbij neer gooiden. Verplicht. Mooi is afgelopen zaterdag te hebben gehoord, dat men de spreekwoordelijke draad begin van het nieuwe seizoen weer op gaat pakken. Het leven, en voetbal, gaan gelukkig gewoon door.

De club waar onder andere de legendarische trainer Rinus Michels zijn roots had kende ik voordat mijn vader daar actief werd ook al ergens anders van. Ik was namelijk van het begin van deze popformatie fan van The Nits. En zanger/muzikant Henk Hofstede, die in de wijk woonde, had van huis uit een familiaire band met de voetbalclub.

Diverse generaties en telgen Hofstede waren lid. Henk werd echter niet als speler tot de selecties toegelaten. ,,Om bij JOS te mogen spelen, moest je dus echt wel kunnen voetballen. Ik was in die tijd al met muziek bezig en na een proefvoetbalwedstrijd werd ik niet geselecteerd. Het lied ‘JOS-days’ gaat over deze kleine tragedie.” Aldus Henk.

Toen ik dit muzikale nootje met mijn pa doornam moest hij glimlachen. Mijn pa was ook van de feitjes, iets wat van hem heb meegekregen. ,,Weet je wie ook zoal bij JOS WGM hebben gevoetbald? Johnny Beun, Jordy Deckers, Jos Dijkstra, Khalid Karami, Genaro Snijders, Ruud Suurendonk en Fred Grim.”

Zowel zijn verhalen als zijn enthousiasme zijn nu voltooid verleden tijd. Het is ook fijn om te weten, dat men bij JOS WGM Joop Egberts nooit zullen vergeten.

Egbert Egberts fluit ruim 41 jaar wekelijks wedstrijden in het amateurvoetbal. Schrijft over wat hem boeit, wat hem raakt, wat hem verwondert, wat hem ergens toe beweegt. Omdat het mag.